04/05/2026
Haiku’s en haibuns eindelijk ook te vinden in de Erfgoedbibliotheek van het stadsarchief
Soms roepen beelden
harder dan woorden kunnen
In stil dialoog.
✨ Ontdek Dialogen!
Op 9 april 2026 ontvingen we in het stadsarchief twee bijzondere bezoekers. Op deze zachtwarme lentedag stapten Luc Barbé en Koenraad De Smet zichtbaar goedgezind binnen – niet zomaar voor een bezoek, maar met een warme intentie.
Ze kwamen hun gezamenlijke boek Dialogen schenken aan de erfgoedbibliotheek. Een gebaar dat we bijzonder op prijs stellen.
Dialogen is geen gewoon boek. Het is een ontmoeting tussen woord en beeld. De haiku’s van Luc Barbé - klein van vorm, maar groots in gevoel- worden gekoppeld aan de verstilde, rake fotografie van Koenraad De Smet. Samen gaan ze in dialoog: met elkaar én met de lezer. Het zijn pagina’s die uitnodigen om te vertragen, te kijken, te denken en opnieuw te lezen.
Koenraad De Smet, opgeleid als fotograaf aan het Narafi en werkend onder de naam WolfArt, kijkt met een scherp en gevoelig oog naar de wereld. In zijn beelden zoekt hij sfeer, emotie en de sporen die mens en natuur achterlaten. Zijn foto’s versterken de teksten zonder ze te verklaren: ze laten ruimte, net zoals de woorden dat doen.
Luc Barbé verdiept zich al jarenlang in haiku en haibun. Hij debuteert in 2020 met Stofjes verdriet, gevolgd door Achter mijn rug hobbelt haar stemmetje mee (2022), een tedere bundel over kinderen. In 2023 ontvangt hij de Paul Mercken-prijs voor haiku. Met Een stolp van stilte (2024) bevestigt hij zijn talent voor het subtiele en het verstilde.
Voor wie minder vertrouwd is met het genre: een haiku is een kort Japans gedicht van drie regels (5-7-5 lettergrepen) dat een moment vangt – vaak eenvoudig, maar met een diepere ondertoon.
Terzijde: een haibun voegt daar proza aan toe, zoals een herinnering, observatie of kleine reis in woorden, met een haiku als echo. Of, zoals Bruce Ross in How to Haiku schrijft: "Als een haiku een inzicht is in een moment van ervaring, dan is een haibun het verhaal of de beschrijving van hoe men tot die ervaring is gekomen." Een haibun moet een tastbaar, inherent gevoel van bewustzijn uitstralen.
Met Dialogen krijgt deze verstilde hedendaagse literatuur een mooie plaats in onze collectie.
Beide kunstenaars aarzelen geen moment om hun werk te signeren. Telkens weer een fijn moment dat de waarde van een boek alleen maar versterkt.
Aansluitend schenkt Luc Barbé ons ook zijn volledige oeuvre tot nu toe: vijf boeken.
“La N-VA, expliquée aux francophones” haalde in 2019 de shortlist van “Le prix du livre politique”. Het boek probeert een brug te slaan tussen Franstalig en Nederlandstalig België. Vanuit de vaststelling dat media aan beide kanten vaak voorbijgaan aan elkaars actualiteit, waardoor misverstanden en clichés ontstaan, ontkracht „De N-VA uitgelegd aan Franstaligen“ de karikaturen en analyseert het de vooroordelen en onwetendheid tussen de gemeenschappen van het koninkrijk.
Luc Barbé biedt daarbij verschillende interpretaties aan, zonder omwegen. Een heldere analyse van de bijzondere plaats van de N-VA in het Vlaamse politieke landschap en haar omgang met hedendaagse communicatietechnieken, gericht op haar doelgroepen. In de slothoofdstukken verkent het boek mogelijke scenario’s voor het België van morgen.
In september 2020 verscheen zijn eerste haikubundel: “Stofjes verdriet”, haiku's en haibuns over vergankelijkheid, dood en afscheid. De bundel werd ook in het Frans vertaald als “Des poussières de tristesse”… en ook dat werk schenkt Luc aan de Erfgoedbibliotheek.
“Achter mijn rug hobbelt haar stemmetje mee” (2022) is bijzonder omdat het de eerste Nederlandstalige bundel is die volledig focust op haiku’s over kinderen. De gedichten tonen verschillende perspectieven: speelsheid, groei, kwetsbaarheid, ouderschap en herinnering, in korte beeldende momentopnames.
“Een stolp van stilte” (2024) laat ons kennismaken met de haibun. Deze door Luc Barbé samengestelde bloemlezing – de eerste in het Nederlandstalige taalgebied – bevat 100 haibuns van 35 auteurs uit Vlaanderen en Nederland. Virginie Platteau, auteur van ‘Hoe luidt de stilte?’, schreef de inleiding.
Zij beschrijft hoe haibuns werken:
“Wie een haibun schrijft, verweeft stemmen, beelden en onooglijke gebeurtenissen met de stilte. In de poëzie krijgt stilte een ruimtelijke dimensie. Het is de kunst van het doseren; nooit alles zeggen, niet te veel verzwijgen. Verbinding maken, maar niet overvoeren. Het is de kunst van het schrijven met onzichtbare inkt, om de lezer te laten lezen tussen de lijnen, te laten luisteren tussen de klanken. Want daar, in de stilte tussen de regels, daar gebeurt het. De beheerste schoonheid van wat niet wordt gezegd, van wat wordt opengelaten en overgelaten aan de lezer. Die schoonheid voedt de poëtische fragmenten eens te meer. In de witte, lege zone vindt de ontmoeting plaats. Het kan er vonken, of er mag gemoedelijkheid en rust zijn. Het is de plek waar betekenis gevormd wordt, in open mogelijkheid.”
Als dàt niet mooi is!
Wij van het archief zijn dan ook oprecht blij met dit literair hebbeding in onze Erfgoedbibliotheek.