27/03/2020
HET SPAANS HUIS
Jackie Thiron
Gepubliceerd in d’Euzie, tijdschrift van de Heemkundige Kring, jaargang 31 (2012) p. 76-79
In het bekende werk ‘Verheerlykt Vlaandre’ (1785) schreef de geleerde Anthonis Sanderus over de parochie Stekene: ‘Het is een volkrijk Vlek, ’t welk met een groote Reeks van zeer fraaije Huizen versiert was’. De voorname herenhuizen, die ook in de eeuwen nadien gebouwd werden, bepaalden tot de tweede helft van vorige eeuw, het uitzicht van de Dorpsstraat. Vandaag is het merendeel van deze statussymbolen geweken voor strakke, karakterloze hoogbouw.
Het specifieke uitzicht van een straat wordt niet altijd bepaald door de volumes van huizen van welgestelde burgers. Het kunnen evengoed woningen zijn met een bouwstijl die kenmerkend was voor een bepaalde periode, bijv. enkele art-deco woningen in de Stadionstraat of een aantal oude, stijlvolle herenhuizen op de Polenlaan en het westelijk deel van de Dorpsstraat. Ook aanplantingen kunnen het straatbeeld een eigen accent geven of burgerwoningen met een specifiek kenmerk, zoals een unieke en opvallende gevel. Een voorbeeld van dit laatste werd in september 2011 gesloopt. Het huis, gelegen op de hoek van de Kaaistraat en Brugstraat, in de volksmond bekend als ‘Het Spaans Huis’, moest wijken om de verkeersituatie aan de ingang van de Kaaistraat te verbeteren. Het huis had volgende kadastrale gegevens: Brugstraat 45, 9190 Stekene, Sectie A, perceelnummer 2266 A. Oppervlakte: 40 m².
Hoe Spaans was het Spaans Huis ?
Waarom werd deze woning ‘Het Spaans Huis’ genoemd ? Spanje was een van de strijdende partijen in de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) en de Successie oorlog. Tijdens die periodes trokken honderden soldaten, waaronder veel Spaanse en een aantal andere nationaliteiten door Stekene. Was er een geschiedkundig verband tussen het huis en de troepen die hier passeerden
Verslag van een onderzoek.
In eerste instantie werden verschillende oudere buurtbewoners bevraagd. Niemand kon zich echter iets herinneren van het tijdstip waarop de woning gebouwd werd, noch waar de naam vandaan kwam.
Architectuur
In het standaardwerk van Anthony Demey, ‘Bouwen door de eeuwen heen’, wordt het huis beschreven als: ‘Hoekhuisje met beraapte in- en uitgezwenkte topgevel met driehoekig fronton, afgedekt door een zadeldak, mogelijk met oudere kern, doch aangepast in de tweede helft van de 19de eeuw. Sterk afgeschuinde hoektraveeën met overkragende top, licht getoogde vensters, waarvan sommige met blind rondbogig boogveld, voorts vlakke omlijsting, duimen en arduinen lekdrempels (1801) .
Demey dateerde het huis in 1801. De Spanjaarden waren toen al honderd jaar uit het Waasland vertrokken. Een rechtstreeks verband was dus niet evident.
Stijl en gebruikte materialen
De beraapte gevels en de ietwat vreemde stijl, gaven de indruk dat het hier om een zeer oude woning ging. Het berapen van gevels werd echter pas vanaf de 19de eeuw toegepast . Werd de gevel bepleisterd om een oudere en gehavende muur te verbergen? Tijdens de afbraakwerken werd vastgesteld dat de muren opgetrokken waren met ‘modernere’ baksteen. De afmetingen, 180-85-65 mm., zijn die van ‘boerkens’, die vanaf de eerste helft van de 19de eeuw in de woningbouw gebruikt werden. Dit alles sluit perfect aan bij het door Demey opgegeven jaartal. Het brengt ons echter geen stap dichter bij de oorsprong van de naam. Demey vermeldde ook dat het huis mogelijks een oudere kern had die later aangepast werd. Was het tijdstip waarop deze vroegere kern gebouwd of bewoond werd terug te voeren tot de Spaanse periode? Tijdens de sloop werd geen enkel spoor van een oudere kern teruggevonden. Alles was opgetrokken met dezelfde boerkens. Het dakgebinte was origineel, alleen de spanten waren vernieuwd.
Muren en gevels
Na afbraak van de westelijke binnenmuur van het Spaans Huis werd de oorspronkelijke oostelijke zijgevel van de aanpalende woning duidelijk zichtbaar. In deze gevel werd geen enkele baksteen gebruikt. Hij werd uitsluitend met vloertegels opgetrokken (23-24 x 11 x 3-4 cm). Tegels met dezelfde afmetingen werden te Stekene over een zeer lange periode geproduceerd. Ze worden zowel in 17de eeuwse huizen als in 19de eeuwse gebouwen teruggevonden .
Omdat de gevels van het Spaans Huis met ‘modernere’ bakstenen opgetrokken werden dan die van het aanpalende huis, is het onbetwistbaar dat de aanpalende woning veel ouder is. Bovendien is in deze muur duidelijk het profiel van een dichtgemetseld raam te zien, wat erop wijst dat dit ooit een vrijstaande zijgevel was. Het werd duidelijk dat het voormalig ‘Spaans Huis’, geen enkele historische waarde had en jonger was dan de belendende woning. Maar deze conclusie gaf nog altijd geen antwoord op de herkomst van de naam.
Cartografische gegevens: een hulp bij het dateren van het Spaans Huis
Een laatste mogelijkheid was, dat er tijdens de Spaanse periode op hetzelfde perceel, een woning stond die nadien afgebroken werd. Het door Demey gedateerde huis (1801) zou dan op dezelfde plaats gebouwd kunnen zijn. Alleen cartografische gegevens konden hierop een antwoord geven.
a) 1668-1674: Het Caertbouck van Steeckenen
Dit kaartboek vermeldt de oudste kadastrale gegevens en –kaarten van de parochie Stekene. Het kaartboek is opgedeeld in wijken met bijhorende kaarten. Elke wijk is verdeeld in genummerde percelen. Een bijhorende tabel vermeldt naast het nummer, de eigenaar en de grootte van elk perceel. Op de kaart is duidelijk te zien dat de huidige Kaaistraat nog niet bestond. Er was alleen een klein weggetje: ‘den Aertwegel ‘dat de ‘’s Heerenstraete’ (of de huidige Brugstraat) met ‘den ghemeenen aert’ verbond. Deze laatste was gelegen aan de Stekense vaart. Het was de los- en laadkade voor alle goederen die via de vaart getransporteerd werden. ‘Den Aertwegel en den ghemeenen aert ‘vormden samen perceel 98, gelegen in de wijk Den Belram. De hoek van deze wegel met ’s Heerenstraete noemde ‘Den Aertgrond ’. Op de kaart uit 1674 zien we dat deze hoek nog onbebouwd was. Hiermee is duidelijk bewezen dat het ‘Spaans Huis’ geen enkele connectie had met de Spaanse bezetting.
b) 1771-1778: De kaarten van Ferraris
Deze kaarten van de Oostenrijkse Nederlanden zijn zeer gedetailleerd en van grote waarde voor agrarische en topografische gegevens.
Deze kaart geeft hetzelfde beeld als het ‘Caertbouck’: de hoek van de aarden wegel en ‘’s Heerenstraete’ is nog altijd onbebouwd.
c) 1810: Table Foncière de la commune de Stekene.
Deze lijst van gronden en grondeigenaars werd opgemaakt in 1810, de periode van de Franse overheersing. Op de hoek van het besproken perceel 98 (wijk Belram) met de Brugstraat stond toen een ‘hofstede’ . Eigenaar was Joseph Delay, herbergier van beroep . Hij was ook eigenaar van de hofstede op het aanpalende perceel 100.
d) 1835-1870: De kadastrale kaarten van Popp
Rond 1835 tekende Philippe Popp een kadasterkaart van Stekene. Het besproken perceel werd geregistreerd als: Sectie A, nr. 2266 A. De woning was eigendom van Debolster Emmanueel .
e) 1844: Atlas der buurtwegen
In de Atlas der buurtwegen werden alle wegen, groot en klein, geïnventariseerd en genummerd. Om betwistingen over het traject en de afmetingen van de openbare wegen te vermijden had de overheid er alle belang bij dat de deze gegevens nauwkeurig geregistreerd werden. Daarom werden deze op kadastrale kaarten ingetekend. Alleen percelen die aan de wegen grensden kregen een volgnummer. In een bijhorende lijst of ‘legger’ kon men via het volgnummer, de eigenaar en de kadastrale gegevens (Popp) van het perceel terugvinden. Het besproken perceel lag aan Chemin n° 2 en kreeg het nummer 3. De woning die er op stond was nog altijd eigendom van Debolster Emmanueel .
e) De huidige kadasterkaart (2010).
Perceel 2266 A is nu volledig bebouwd, dit tot aan de afbraak in september 2011. De laatste eigenaar was Ferket Achiel.
Verklaring van de naam ‘Het Spaans Huis’.
De gebruikte bouwmaterialen en de cartografische gegevens bewijzen dat het huis geen enkele historische waarde had, en zeker geen verband had met de Spaanse periodes. Een in het oog springende gevel verborg slechts enkele piepkleine kamertjes.
De verklaring voor de naam van de woning moet niet ver gezocht worden. In de ‘Table Foncière de la commune de Stekene, 1810’ stond niet alleen de naam van de eigenaar vermeld, maar ook zijn beroep: Joseph Delay was zowel eigenaar van perceel 98 als van het belendende perceel 100. Zijn beroep was herbergier.
Op alle foto’s, oudere en recentere, is duidelijk te zien dat er ooit een uithangbord boven de voordeur van het hoekhuis hing. We zijn er van overtuigd dat hierop de naam prijkte van de herberg: Het Spaans Huis’. Of een variante. Wegens zijn geringe grootte is het aannemelijk dat het hoekhuis een herberg was en de uitbater in het aangrenzende pand woonde. Een foto van het huis in 1944 bewijst dat in dat jaar, of zelfs eerder, zijn functie als herberg al lang verdwenen was.