Ambassadeur Jan Versteeg

Ambassadeur Jan Versteeg Pagina van Jan Versteeg, ambassadeur van Nederland in Frankrijk

Eten voor het vaderlandElke maandagmorgen houden we op de ambassade de zgn. ‘kick-off’, de bijeenkomst van een half uur ...
05/06/2026

Eten voor het vaderland

Elke maandagmorgen houden we op de ambassade de zgn. ‘kick-off’, de bijeenkomst van een half uur waarin we met alle medewerkers van de ambassade de komende werkweek doornemen. Deze week vormde de kick-off tevens een goed moment voor een groepsfoto in aanloop naar de World Bicycle Day. Een groot deel van ons team komt bijna dagelijks op de fiets naar de ambassade - een praktisch, duurzaam en aangenaam vervoermiddel in het hart van de stad. Als van één ambassade in Parijs wordt verwacht dat zij stilstaat bij World Bicycle Day, dan is het wel de Nederlandse.

Nu vraagt u zich wellicht af waarom de ambassadeur niet op die foto staat. Dat is niet omdat ik geen fiets heb, sterker nog, ik gebruik hem ook haast dagelijks voor het woon-werkverkeer. Maar ik was op die maandagmorgen alweer in beslag genomen door een andere bijeenkomst, in dit geval op de residentie. U kunt zich voorstellen dat er op een diplomatieke post ook regelmatig zaken spelen die niet meteen op Facebook gedeeld kunnen worden, toevallig had ik er daar deze week verschillende van, zowel op economisch als op politiek terrein.

Een mooi openbaar moment was de uitreiking aan het einde van de dag van het Ereteken voor Verdienste aan kolonel Christian Bachmann, de Franse defensieattaché in Nederland tussen 2021 en 2024. Hij ontving deze onderscheiding wegens zijn proactieve en waardevolle bijdrage aan de Frans-Nederlandse militaire samenwerking, die in die periode een forse impuls kreeg. Kolonel Bachmann was veel meer dan alleen een vertegenwoordiger van de Franse belangen; hij bleek een echte verbinder te zijn, die in staat was een klimaat van vertrouwen te creëren tussen de operationele en politieke culturen van beide landen. Zo’n uitreiking is ook een uitgelezen moment voor ons om informeel de banden met de Franse krijgsmacht aan te halen.

De volgende ochtend ontbeet ik samen met andere EU ambassadeurs met de Franse onderminister voor Defensie, Alice Rufo. Mevrouw Rufo is een goede bekende van de ambassade, vanwege haar eerdere ambtelijke rollen als adviseur op het Elysée en als DG op het Ministerie van Defensie. De context van het gesprek werd gevormd door de oorlogen in het Midden-Oosten en de Franse rol in Libanon. Frankrijk is daar operationeel actief in UNIFIL, de ook in Nederland bekende VN-operatie, die dezer dagen helaas letterlijk onder vuur ligt. Maar Frankrijk voelt ook een grote politieke verantwoordelijkheid en doet zijn best het Libanese leger te versterken, zodat dat uiteindelijk Zuid-Libanon kan stabiliseren. Uiteraard kwamen ook de Franse blik op de Europese veiligheid en de inspanningen voor Oekraïne aan bod.

Dinsdagmiddag weer een middagje werken in de trein, want samen met Martijn Adelaar en Max de Redelijkheid van het economische team togen we naar Toulouse voor een bliksembezoek. U herinnert zich dat het Koninklijk Paar daar vorig najaar een officiëel bezoek aflegde, vergezeld door een grote handelsmissie. Er werd toen ook een ‘feuille de route’ voor verdere samenwerking tussen Occitanië en Nederland ondertekend. Deze samenwerking focust zich niet alleen op gebieden als aeronautica en robotica in de landbouwsector, waar de regio erg geavanceerd in is, maar bestrijkt ook onderwerpen als windenergie, groene mobiliteit en cultuur. Met prefect Durand en zijn equipe namen we door wat er tot nu bereikt is, maar vooral ook hoe we ervoor zorgen dat de samenwerking vaste grond onder de voeten krijgt.

Deze week was er in Parijs veel aandacht voor Nederlandse literatuur, want de Paris Book Market (oorspronkelijk bedoeld om de Franse literatuur bij internationale uitgevers te promoten) had voor het eerst een ander land uitgenodigd als ‘focusland’, en dat was Nederland. Amper terug uit Toulouse, mocht ik bij het Atelier Néerlandais een bijeenkomst voor Franse en internationale uitgevers openen, waarbij schrijvers Emma Doude van Troostwijk, Raoul de Jong en Jaap Robben geinterviewd werden. De uitgevers werden door het Letterenfonds bijgepraat over de Nederlandse literatuur, omringd door een tentoonstelling van bekroonde Nederlandse illustraties (de winnaars van de Gouden en Zilveren Penselen) uit het Literatuurmuseum in Den Haag. Op de markt zelf hadden Nederlandse uitgevers tientallen afspraken met hun Franse en internationale collega’s om hun Nederlandse boeken te promoten en te verkopen. Hopelijk leidt dat de komende tijd tot veel mooie nieuwe Franse vertalingen van Nederlandse boeken. Want laten we eerlijk zijn: de rijkdom van de Nederlandstalige literatuur is in Frankrijk nog onvoldoende bekend.

Op woensdagavond ontving ik Steven van Rijswijk, CEO van ING Bank. Op zijn suggestie had ik een aantal bestuurders van Franse transportbedrijven en investeringsfondsen aan tafel uitgenodigd, evenals Sophie Mourlon: sinds een maand secretaris-generaal van RATP (het op drie-na-grootste grootste openbaar vervoersbedrijf ter wereld) en daarvoor als topambtenaar betrokken bij het Franse klimaat en energiebeleid. Er ontvouwde zich een boeiende discussie over hoe drie doelstellingen hand-in-hand zouden moeten gaan: het verminderen van de CO2-uitstoot, het versterken van de Europese economie en het zeker stellen van onze weerbaarheid en autonomie. Daarbij moeten we binnen Europa gebruik maken van het innovatief vermogen van onze bedrijven, financieringskracht van banken en investeerders en slim beleid.

Donderdagmorgen was ik in de Assemblée Nationale om ‘geauditionneerd’ te worden door Kamerlid Bertrand Bouyx (van de partij Horizons & Indépendants) in zijn hoedanigheid als rapporteur van het wetsvoorstel over de ratificatie van het Verdrag tussen Sint-Maarten en Saint-Martin, bedoeld om de grens tussen beide delen van het eiland te verduidelijken. Ik vertelde u hier al eerder over, toen ik in april nog met senator Michelle Gréaume over hetzelfde onderwerp sprak. Inmiddels is het wetsvoorstel aangenomen door de Senaat en staat het op de agenda van de Assemblée Nationale. Ik gaf een toelichting over de verhoudingen tussen de vier landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden, en wat dit betekent voor het afsluiten van Verdragen met buurlanden van het Koninkrijk. Als ambassadeur van het Koninkrijk der Nederlanden in Frankrijk vertegenwoordig ik namelijk alle landen van het Koninkrijk, en in dit geval dus ook Sint-Maarten. Rapporteur Bouyx moet voor de vergadering van de commissie buitenlandse zaken op 1 juli zijn rapport afronden. Ik waardeer het enorm dat hij de moeite heeft genomen om met mij te spreken en zich er van te verzekeren dat het Koninkrijk positief kijkt naar de verduidelijking van de grens tussen Sint-Maarten en Saint-Martin, een aanpassing van de historische grens die in 1648 werd getrokken.

De geografische reikwijdte van de Franse Republiek en het Koninkrijk der Nederlanden is groot, toch stelden we vast dat de wereld soms ook klein is. Dit weekend ontmoet ik Kamerlid Bouyx opnieuw, want als gekozene voor de Calvados is hij ook aanwezig bij de D-Dayherdenkingen in Normandië, waarover hieronder meer.

Gisteravond nam ik deel aan een interessant en prikkelend discussiediner over EU-kandidaatlidstaat Moldavië, georganiseerd door de European Council on Foreign Relations (ECFR). Ik weet niet of u een duidelijk beeld heeft van Moldavië. Het kleine Europese land ligt opgesloten tussen Roemenië en Oekraïne. Een deel van het land, Transnistrië, waar Russische troepen gelegerd zijn, heeft zich de afgelopen decennia onttrokken aan het centrale gezag in Chisinau. Tijdens het diner deelde voormalig MP Recean zijn waardevolle inzichten over de voortgang van de toetredingsonderhandelingen en de grote wens van Moldavië om snel bij de EU aan te sluiten.
Een mooie bijkomstigheid was dat ik nu ook eens kon eten in restaurant Bofinger, vlakbij de Place de la Bastille. Een echte Parijse brasserie met een ‘art nouveau’ / ‘art déco’ interieur, in de sfeer van tenten als la Rotonde, la Coupole, Terminus Nord en Mollard.

Ook vanmiddag was het weer eten voor het vaderland (zoals bij meer dan de helft van de maaltijden deze week), want met mijn Belgische en Luxemburgse collega ontving ik Aurélien Lechevallier, de ‘directeur de cabinet’ van Minister Jean-Noël Barrot (Europa en Buitenlandse Zaken). In het Franse systeem zijn de kabinetsdirecteuren (en hun medewerkers) kernspelers bij het ontwikkelen en uitvoeren van het beleid. Een uitgelezen kans dus om over de meest actuele kwesties in het Franse buitenlandse beleid te praten, met iemand die niet slechts dichtbij het vuur zit, maar geregeld er middenin.

Dan zijn we alweer aan het einde van de week beland, tijd om richting Normandië te gaan voor de jaarlijkse herdenking van D-Day 6 juni 1944, de landing van de geallieerden. Ik schrijf dit bericht terwijl ik daar naartoe op weg ben en wanneer u dit leest, sta ik waarschijnlijk op het strand van Arromanches, waar 82 jaar geleden de Prinses Irene Brigade landde, met het regiment dat daaruit is voortgekomen, namelijk het 17de Pantserinfanteriebataljon Garderegiment Fuseliers Prinses Irene. Maar daarover vertel ik u volgende week meer…

Hartelijke groet,
Jan Versteeg

Over grenzenBegin deze week hadden we bezoek van de Joint Chiefs of Global Tax Enforcement, de zogenaamde J5. Dat is een...
29/05/2026

Over grenzen

Begin deze week hadden we bezoek van de Joint Chiefs of Global Tax Enforcement, de zogenaamde J5. Dat is een internationaal samenwerkingsverband tussen belastinghandhavings- en opsporingsinstanties uit Nederland, Australië, Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. De J5 is in 2018 opgericht naar aanleiding van een oproep van de OESO tot krachtiger internationaal optreden tegen belastingcriminaliteit en richt zich op de bestrijding van grensoverschrijdende belastingontduiking, witwassen, cybercriminaliteit en strafbare feiten in verband met cryptovaluta.
Door nauwe samenwerking stelt het samenwerkingsverband de lidstaten in staat om inlichtingen te delen, expertise uit te wisselen en operationele activiteiten effectiever te ondersteunen. Door kennis en middelen te bundelen, versterkt de J5 de internationale aanpak van steeds complexer wordende financiële criminaliteit en helpt het de integriteit van het mondiale financiële stelsel te beschermen.

Op het laatste moment moest ik de ontvangst van deze groep overlaten aan mijn plaatsvervangster Sara Offermans, omdat er een wijziging in het reisprogramma van Koningin Máxima was opgetreden en ik haar op een ander tijdstip dan was voorzien moest verwelkomen. Zij was een etmaal in Parijs in haar hoedanigheid als speciale pleitbezorger van de secretaris-generaal van de VN voor financiële gezondheid (UNSGSA), om deel te nemen aan de besloten bijeenkomst Insurance 4 ALL van CGAP (een internationale actiegerichte denktank met de focus op financiële inclusie), in samenwerking met verzekeringsgroep AXA. De bijeenkomst in het hoofdkantoor van AXA ging over betaalbare en toegankelijke verzekeringen en hun bijdrage aan financiële gezondheid. Het was weer indrukwekkend om onze Koningin te zien optreden, met een enorme kennis van zaken en een niet aflatende inzet voor de financiële zelfstandigheid van mensen in Nederland en elders in de wereld.

Gisteren stapte ik, na een door onze Defensie-afdeling georganiseerd ontbijt met de nieuwe Nederlandse ‘national armaments director’, generaal-majoor Boekholt, op de trein naar Leiden voor de jaarlijkse bijeenkomst van Platform Frans. Ik had al eerder voor dit platform gesproken via een videoboodschap maar dit jaar vond ik het zaak er fysiek aanwezig te zijn. Platform Frans is een netwerk van deskundigen die het Frans in Nederland levendig proberen te houden. Dat is hard nodig want het Franse taalonderwijs staat enorm onder druk. Iets wat mij zeer aan het hart gaat. Niet alleen is Frans een prachtige taal, ik geloof echt dat we erbij gebaat zijn dat een voldoende aantal Nederlanders zich goed in het Frans kan uitdrukken. Met de handel tussen beide landen is meer dan 100 miljard euro en een groot aantal banen gemoeid. In internationale zaken trekken we steeds meer samen op. Ik merk dat de Haagse ministeries steeds meer moeite hebben om francofone medewerkers te vinden om de Nederlandse belangen in Parijs te behartigen. Ook al wordt in Frankrijk steeds meer Engels gesproken, met degelijke kennis van het Frans kunnen we veel effectiever optreden. Voor veel bedrijven zal hetzelfde gelden. Alle reden om degenen die opkomen voor het Frans in het Nederlandse onderwijs een hart onder de riem te steken.

Mijn Belgische collega Jo Indekeu organiseerde vrijdag een ontbijtbijeenkomst met de Nordics en Benelux-ambassadeurs waarbij Clara Chappaz werd ontvangen als eregast. Zij is de Franse ambassadeur voor Digitale zaken en AI. Het gesprek ging enerzijds over het belang van investeren in onze digitale economie, stimuleren van innovaties en het bevorderen van samenwerking binnen Europa zodat we op dit terrein een zekere onafhankelijkheid creëren en onze data veilig zijn. Aan de andere kant kennen digitale technologieën en sociale media ook risico’s, zeker voor kinderen en jongeren. Daarom onderzoeken zowel Frankrijk als Nederland mogelijkheden om een minimumleeftijd in te stellen voor het gebruik van sociale media. Omdat internet geen landsgrenzen kent, is het belangrijk om Europees en internationaal samen te werken aan een effectieve aanpak.

Dan ter afsluiting voor de Nederlander in Frankrijk het volgende. Ik ontving de laatste tijd meerdere berichten - en zag deze ook langskomen op social media - van landgenoten die vragen stellen over de ‘pop-up’, het mobiele aanvraagstation voor paspoortaanvragen. Onze consulaire collega’s zullen van 8 – 10 juni hiermee weer naar Toulouse reizen. Zoals gewoonlijk was de vraag naar afspraken veel groter dan het aanbod. Dit keer waren er 340 aanvragen, terwijl we maar 80 aanvragen mogen innemen (normaal zijn dat er zestig, maar we hebben om extra ruimte gevraagd). Dat leidde er al toe dat we zelfs mensen met forse mobiliteitsbeperkingen op de wachtlijst hebben moeten plaatsen. En dat we andere mensen die echt profijt van deze dienst zouden kunnen hebben (zoals een moeder met twee dochters die zich al meerdere keren had aangemeld), ‘nee’ hebben moeten verkopen.

Ook ons consulaire team vindt het zeer onbevredigend dat er over de toewijzing van de afspraken niet verder gecorrespondeerd kan worden. Maar we hebben eenvoudigweg geen capaciteit om over grote aantallen individuele gevallen een degelijke emailconversatie op te zetten. Er zijn namelijk ook best veel mensen die ongeacht hun persoonlijke situatie vinden dat ze recht hebben op een afspraak. En helaas ook mensen die een afspraak claimen, en dan vervolgens veel minder mobiliteitsproblemen blijken te hebben dan ze oorspronkelijk voorwendden. Kortom, die correspondentie kan zeer tijdrovend worden, waardoor andere dringende hulpverleningsvragen vertraging oplopen.

Inmiddels zijn we in een situatie beland waarin we meer mensen teleurstellen dan dat we er gelukkig mee maken en werpt zich de vraag op of en hoe we hiermee verder kunnen gaan. Vooralsnog zit er weinig anders op dan te proberen de verwachtingen ‘te managen’ en duidelijk de grenzen aan te geven.

Een andere terugkomende vraag betreft het feit dat een paspoort alleen maar in Parijs aangevraagd kan worden. Inderdaad, mensen die ver weg wonen, spenderen veel tijd en geld om helemaal naar de ambassade in Parijs te komen. Oorzaak is de verschijningsplicht bij paspoortaanvragen die in Nederland en de meeste andere Europese landen in de wet vastligt. Vroeger was een paspoortaanvraag ook mogelijk bij honoraire consulaten. Dat hebben we bij een bezuinigingsronde in 2013 moeten veranderen, vanwege de beveiligingseisen en de hoge kosten. We proberen wel het hierboven genoemde mobiele paspoortaanvraagstation, dat eigenlijk bedoeld is om mensen te helpen die om medische redenen niet kunnen reizen, enkele keren per jaar in te zetten om zoveel mogelijk Nederlanders te helpen die op grote afstand van Parijs wonen. Daar zijn echter ook grenzen aan, want als medewerkers met dat paspoortaanvraagstation op reis gaan, zijn ze niet in Parijs inzetbaar. En we moeten vanzelfsprekend voorrang geven aan mensen die om medische redenen niet kunnen reizen. De reizen van het mobiele aanvraagstation worden ruim vooraf aangekondigd op de website nederlandwereldwijd(punt)nl ->paspoort-id-kaart->buitenland/paspoort-frankrijk. Mocht u af en toe naar Nederland reizen dan kunt u tijdens uw verblijf ook bij Nederlandse grensgemeentes of op Schiphol (altijd op afspraak) een paspoort aanvragen. Verdere informatie over grensgemeentes is te vinden op nederlandwereldwijd(punt)nl -> paspoort of ID-kaart aanvragen bij een grensgemeente in Nederland.

Als uw ambassadeur in Frankrijk streef ik naar een zo goed mogelijke dienstverlening. We zijn blij dat we in Frankrijk een relatief grote consulaire afdeling hebben, waar hard en efficiënt gewerkt wordt. Maar er zijn grenzen aan wat we kunnen en mogen doen. Welk kabinet er ook zit, geen enkele minister van Buitenlandse Zaken krijgt onbeperkt geld voor de dienstverlening aan Nederlanders in het buitenland. Ik hoop op uw begrip.

De werkweek werd afgesloten met een telefoongesprek met Willemstad op Curaçao. Daar zetelt collega Annemieke Verrijp, tegenwoordig Speciaal Gezant voor Curaçao, Aruba en Sint-Maarten. De Franse Republiek en het Koninkrijk der Nederlanden grenzen daar aan elkaar, waardoor ook ambassade Parijs regelmatig met Antilliaanse zaken bezig is. Het was nuttig om even de klokken gelijk te zetten, zowel over lopende zaken, als over de internationale ontwikkelingen in het Caraïbisch gebied.

Goed weekend,
Jan Versteeg

Weer terugNa een paar weken radiostilte, kom ik weer bij u op de lijn. De afgelopen twee weken was ik gedeeltelijk met v...
22/05/2026

Weer terug

Na een paar weken radiostilte, kom ik weer bij u op de lijn. De afgelopen twee weken was ik gedeeltelijk met verlof in Zeeland, doorgebracht met de kinderen en vrienden. Het was guur weer, maar dat betekende gelukkig ook dat het flink waaide, zodat ik nog een paar keer de branding in kon. Verder reisde ik eind april - in het kader van mijn toekomstige functie na de zomer als Klimaatgezant voor Nederland - naar Santa Marta. Daar brachten Nederland en Colombia ruim vijftig landen samen die stapsgewijs het gebruik van fossiele brandstoffen willen verminderen. De beoogde overgang naar meer zelf geproduceerde energie, hernieuwbaar en nucleair, is niet alleen belangrijk om de CO2-uitstoot te verminderen, het maakt ons ook minder afhankelijk. En dus minder kwetsbaar voor onderbreking van de aanvoer en grote prijsschommelingen. Het gesprek hierover werd op de COP, de grote internationale klimaatvergaderingen, geblokkeerd door met name de grote olieproducten. In Santa Marta was te zien dat er nu een kritische massa is om wel gezamenlijk stappen te gaan zetten.

Terug in Parijs ontvingen we afgelopen maandag een inspirerend bezoek van een delegatie van de Nederlandse Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV), bestaande uit raadsleden Bram van Ojik en Tanya van Gool en secretaris Paula de Beer. Op verzoek van de regering onderzoeken zij hoe Nederland zijn diplomatieke en consulaire netwerk moet aanpassen aan de huidige geopolitieke werkelijkheid. Ze kijken ook hoe landen die wat groter of wat kleiner zijn, maar net als Nederland wereldwijde belangen hebben, hun netwerk inrichten. In Parijs spraken ze onder meer met plaatsvervangend secretaris-generaal David Bertolotti, directeur strategie Tristan Aureau en directeur financiën Alexandre Morois. Ook ging de AIV in gesprek met de Nederlandse vertegenwoordigingen in Parijs over hun werkzaamheden en prioriteiten.

Dinsdag organiseerde mijn Noorse collega een lunch met Pascal Perrineau, emeritus hoogleraar aan Sciences Po, en al decennia een prominente politieke commentator in de media. Gelardeerd met een schat aan feiten en anecdotes, gaf hij ons zijn analyse van de vooruitzichten richting de presidentsverkiezingen van 2027. Zelfs Perrineau hield bij zijn voorspellingen grote slagen om de arm, maar dit type gesprekken helpt ons enorm om ons voor te bereiden op wat zonder twijfel een woelige verkiezingsstrijd gaat worden, die voor onze samenwerking met Frankrijk grote gevolgen kan hebben.

Dinsdagavond organiseerden de collega’s van afdeling Onderwijs en Wetenschap bij mij thuis het evenement ‘Science under Pressure, Science as Strength’. Ik mocht hier het openingswoord doen, om daarna het stokje over te geven aan Robbert Dijkgraaf, topwetenschapper en oud-minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Gedurende een ruim half uur nam professor Dijkgraaf de zaal mee in de grote uitdagingen en kansen voor de Europese wetenschap. De wereld verandert vlug. Wie had bijvoorbeeld een paar jaar geleden van AI gehoord ? Nu is het bijna niet meer weg te denken uit het dagelijks leven. En terwijl Europa begin deze eeuw nog op veel terreinen in de absolute voorhoede zat, heeft bijvoorbeeld China een enorme inhaalslag gemaakt. Tegelijkertijd zijn er wereldwijd regeringen die de wetenschappelijke vrijheid proberen in te perken. Desinformatie en bedreigingen van wetenschappers zijn helaas aan de orde van de dag. Niettemin meende Dijkgraaf dat we niet moeten verzanden in pessimisme. Er is in Europa nog steeds een groot wetenschappelijk potentieel. De wetenschap is belangrijk voor onze economie en voor onze vrije, democratische samenlevingen. En – zo hield hij de zaal voor – samenwerking en openheid zijn onmisbaar voor verdere vooruitgang. De zaal, vol met prominente vertegenwoordigers van de Franse en Nederlandse wetenschap, bleek het daar hartgrondig mee eens.

Met veel genoegen ontving ik woensdag, in gezelschap van mijn collega-ambassadeurs van België en Luxemburg, vertegenwoordigers van de Franse parlementaire delegatie voor de Raad van Europa. Ik organiseerde een diner in het kader van de Benelux-campagne voor de kandidatuur van ambassadeur Tanja Gonggrijp als plaatsvervangend secretaris-generaal van de Raad van Europa. De Benelux-landen hebben Tanja Gonggrijp gezamenlijk voorgedragen. Na de eerste stemmingsronde op 29 april heeft het Comité van Ministers haar, samen met de Finse kandidaat, voorgedragen aan de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa (PACE), die op 23 juni in een geheime stemming een keuze tussen deze twee sterke kandidaten zal maken. De verkiezing van Tanja Gonggrijp zou Nederland een positie geven met invloed op belangrijke dossiers, waaronder accountability voor Oekraïne, het efficiënter en slagvaardiger maken van de organisatie, en het versterken van de samenwerking met andere internationale organisaties zoals de Europese Unie en de OVSE. De Raad van Europa, gevestigd in Straatsburg, zet zich in voor mensenrechten, democratie en de rechtsstaat.

Op donderdagmiddag sprak ik met Mathieu Landon, de economie-adviseur van President Macron. Ook op economisch terrein is de wereld woelig, en daarom is er vaker behoefte aan politiek overleg. Frankrijk en Nederland zijn allebei landen met een hoogtechnologische industrie, die te maken heeft met wat we mondiale waardeketens noemen. Grondstoffen en onderdelen komen van over de hele wereld, en ook de afzetmarkten zijn in grote mate geïnternationaliseerd. Dat bood en biedt allerlei economische kansen, maar maakt ons ook kwetsbaar. Alle reden om hierover goed in gesprek te blijven, zowel over het beleid dat we samen in Brussel maken, als over concrete problemen in bepaalde sectoren.

Vrijdag had ik oud-ambassadeur Gérard Araud op bezoek, een van de grootste Franse diplomaten van zijn generatie. Toen ik midden jaren negentig als jong diplomaat bij onze vertegenwoordiging bij de NAVO werkte, was Araud één van de meer uitgesproken stemmen in het overleg tussen de Bondgenoten. Daarna nam zijn carrière een hoge vlucht: hij werd onder meer directeur-generaal politieke zaken in Parijs en vertegenwoordigde Frankrijk als ambassadeur in Israël, bij de Verenigde Naties in New York en in Washington. Tegenwoordig is hij als commentator veel in de pers en op TV, en schrijft hij uitstekende boeken over de diplomatie. Weer een gesprek waarvan ik veel heb opgestoken, wat een voorrecht.

En dan als laatste nog een leuk nieuwtje: na ruim twee jaar van gesprekken en bezoeken, waar ook onze ambassade bij was betrokken, is Thialf nu de voornaamste kandidaat voor het organiseren van de schaatswedstrijden van de Olympische Winterspelen France Alpes 2030. Volgende maand wordt het definitieve besluit genomen, maar de kans is groot dat in 2030, ruim 100 jaar na de Spelen die zich afspeelden in Amsterdam in 1928, weer olympische wedstrijden in Nederland zullen plaatsvinden.

Ik wens u een mooi Pinksterweekend,
Jan Versteeg

GeorganiseerdDe werkweek begon zondagavond toen ik minister David van Weel (Justitie en Veiligheid) ophaalde. Hij kwam n...
24/04/2026

Georganiseerd

De werkweek begon zondagavond toen ik minister David van Weel (Justitie en Veiligheid) ophaalde. Hij kwam naar Parijs voor de Europese coalitie tegen georganiseerde misdaad. Op maandagochtend begeleidde ik hem naar het majestueuze Place Beauvau (waar, tegenover het Elysée, het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken gehuisvest is) voor een ontbijt met minister Laurent Nuñez.

Beide ministers spraken over gemeenschappelijke zorgen zoals dreiging van georganiseerde misdaad en terrorisme, online rekrutering van (steeds jongere) jongeren voor het plegen van criminele ‘klussen’ en over radicalisering. Maar ook over de goede samenwerking met Frankrijk bijvoorbeeld op het gebied van misbruik van pyrotechnische artikelen (zwaar vuurwerk). Minister Van Weel woonde daarna samen met zijn collega’s uit België Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en Zweden de bijeenkomst van de Europese coalitie bij.

Dinsdag bezocht ik Mountain Planet in Grenoble, de toonaangevende vakbeurs voor de ‘bergeconomie’. Tijdens dit bezoek, georganiseerd door de economische afdeling en ons handelskantoor NBSO Lyon | South East France, ontmoette ik Nederlandse deelnemers zoals Big Air Bag en Ski Machine, en een aantal regionale en internationale partners.
Ik had een aangenaam gesprek met Vice-President Philippe Meunier van de regio Auvergne-Rhône-Alpes waarin raakvlakken op het terrein van onder meer kernenergie en de chipsindustrie voorbij kwamen. Ook was het nuttig even met Edgar Grospiron te spreken, ooit een grote kampioen bij het mogul skiën, nu voorzitter van het comité dat de Olympische Winterspelen van 2030 voorbereidt. Wij hopen nog steeds dat Thialf Heerenveen als locatie voor het langebaanschaatsen wordt uitgekozen, het gaat de komende weken spannend worden.

De dag werd mooi afgesloten met een bezoek aan POMA, een toonaangevende Franse fabrikant van kabelbanen en mobiliteitsoplossingen in de bergen. Interessant is dat ze – ook vanwege de door de klimaatverandering verwachte krimp van de skimarkt – bezig zijn nieuwe markten aan te boren, zoals stadskabelbanen. Ook namen we een kijkje achter de schermen bij de ijsbaan van de Brûleurs de Loups, het bekende ijshockeyteam van Grenoble.

Donderdag vierden we alvast Koningsdag hier in Parijs, omdat volgende week veel Parijzenaars met vakantie zijn. Het Fête du Roi is voor ons als ambassade hét moment om onze contacten in Frankrijk op de residentie uit te nodigen om onze waardering voor de samenwerking te tonen. Dat betekende dat ik samen met mijn collega’s Monique van Daalen, onze ambassadeur (Permanent Vertegenwoordiger) bij UNESCO en Jochem Wiers onze ambassadeur bij de OESO, in het tijdsbestek van krap drie uur een rijkgeschakeerd gezelschap mocht begroeten. Onder de lentezon en tussen de tulpen verzamelden zich vertegenwoordigers van alle takken van sport waarmee uw ambassade en de twee Parijse permanente vertegenwoordigingen te maken hebben: ministeries, internationale organisaties, ambassades, maatschappelijk middenveld, politie, bedrijfsleven, landbouw, defensie, cultuur, media etc. In mijn toespraak benoemde ik nog eens hoe belangrijk het is dat mensen en landen met elkaar in gesprek en uitwisseling blijven, ook (juist) in deze turbulente tijden. Ook benutten we de Koningsdagviering om een aantal (Frans-)Nederlandse innovatieve bedrijven te presenteren. En natuurlijk om producten als de Zeeuwse oester te promoten.

Hoewel zo’n grote receptie veel werk betekent voor het hele ambassadeteam, is het gezien de vele enthousiaste reacties deze inspanningen wel (meer dan) waard. Het prachtige lenteweer werkte ook mee.

Zoals aangegeven organiseerden we deze receptie voor onze werkcontacten in Frankrijk. Misschien vraagt u zich af waarom de ambassade niet ook alle Nederlanders in Frankrijk uitnodigt voor een receptie. Dat is eigenlijk alleen al in praktische zin in een land als Frankrijk niet te doen: er zijn hier tienduizenden Nederlanders vast gevestigd en nog veel meer landgenoten die een deel van het jaar hier verblijven. Daar komt bij dat we er eenvoudigweg geen budget voor krijgen: we kunnen de Nederlandse belastingbetaler niet aanslaan voor puur feestelijke gelegenheden voor Nederlanders in het buitenland, hoe leuk dat ook zou zijn. Indien u zelf Koningsdag wilt vieren in Frankrijk, dan kan ik u aanraden contact op te nemen met een Nederlandse vereniging bij u in de buurt om te weten wat zij eventueel organiseren. Alle verenigingen zijn te vinden via de FANF (Fédération des Associations Néerlandaises en France) : www punt fanf punt fr .

Dan zijn we alweer aan het eind van de week beland. Vanmorgen was ik opnieuw op weg naar Nederland, dit keer naar Den Haag waar ik vandaag een aantal afspraken had. De komende weken ben ik afwezig i.v.m. deelname aan een grote conferentie en aansluitend vakantie. U zult dus een tijdje niets van mij horen (beter: lezen).
In mijn afwezigheid zal mijn plaatsvervangster Sara Offermans mij vervangen bij de Dodenherdenking, die zoals elk jaar zal plaatsvinden in Orry-la-Ville, een dorp zo’n 40 km ten noorden van Parijs waar zich het Nederlandse militaire ereveld bevindt, de plek waar 114 Nederlandse slachtoffers van de 2e Wereldoorlog begraven zijn.

Zou u zelf in de buurt zijn op maandag 4 mei, dan nodigen we u van harte uit om aanwezig te zijn bij deze mooie ceremonie. Het programma begint om 13u30 en is rond 16u00 afgelopen (graag vooraf uw aanwezigheid bevestigen via [email protected], zodat wij een inschatting van het aantal aanwezigen kunnen maken).

Ik wens u een mooi begin van de meimaand toe.
Jan Versteeg

Foto's 📷 Ferry van der Vliet

Adresse

Paris
75007

Notifications

Soyez le premier à savoir et laissez-nous vous envoyer un courriel lorsque Ambassadeur Jan Versteeg publie des nouvelles et des promotions. Votre adresse e-mail ne sera pas utilisée à d'autres fins, et vous pouvez vous désabonner à tout moment.

Partager