26/05/2026
Gisteren was het eindelijk zover.
De presentatie van "Het Transformatieboek"
Waarom we doen wat we doen en hoe het ook anders kan.
In het bijzijn van een mooie groep mensen is het geboorteproces afgerond.
Voor de mensne die het interessant vinden plaats ik hieronder mijn lezing van gisteren, Reacties zijn welkom.
Mochten er mensen zijn die goed zijn in marketing of iets dergelijks. Ik wil mijn boodschap graag uitdragen aan zoveel mogelijk mensen. Ook wederverkopers, neem vooral contact op als je geïnteresseerd bent.
Boekpresentatie Het Transformatieboek
Voordat ik iets vertel over het boek zelf, wil ik iets delen over waarom dit boek voor mij belangrijk werd.
Dit boek is niet ontstaan omdat ik kort geleden ineens besloot dat ik iets wilde schrijven. Al ruim vijftien jaar leefde dit idee in mij.
Steeds kwam dezelfde vraag terug:
waarom doen mensen wat ze doen?
Waarom passen mensen zich aan?
Waarom trekken mensen zich terug?
Waarom vechten, vluchten of bevriezen ze?
Waarom doen mensen soms dingen die henzelf of anderen pijn doen, terwijl ze diep vanbinnen vaak verlangen naar rust, liefde en vrijheid?
Vanaf jonge leeftijd heeft gedrag mij al geboeid. Ik keek naar mensen en voelde vaak dat er iets niet klopte tussen wat iemand liet zien en wat er onder de oppervlakte aanwezig leek te zijn.
Iemand kon lachen, terwijl ik verdriet voelde.
Iemand kon boos worden, terwijl ik angst voelde.
Iemand kon sterk overkomen, terwijl ik kwetsbaarheid voelde.
Iemand kon zeggen dat het goed ging, terwijl iets in mij voelde dat het niet goed ging.
Dat fascineerde mij. Maar het maakte mij ook zoekend.
Het leven voelde soms alsof mensen een rol speelden, zonder dat ze zelf helemaal doorhadden dat het een rol was. Alsof we allemaal manieren ontwikkelen om ons staande te houden, maar onderweg het contact verliezen met wat we werkelijk voelen.
In mijn eigen leven, en later ook in mijn werk, zag ik steeds opnieuw hoeveel zwaarte er achter gedrag kan schuilgaan. Angst, somberheid, leegte, schaamte, prestatiedruk, eenzaamheid. Niet altijd zichtbaar aan de buitenkant, maar wel voelbaar onder de oppervlakte.
Een moment dat daarin veel met mij deed, was het overlijden van Anthonie Kamerling. Zijn zelfdoding raakte mij diep. Niet omdat ik hem persoonlijk kende, maar omdat het mij raakte dat iemand vanbinnen zo verstrikt kon raken, dat het leven uiteindelijk geen uitweg meer leek te bieden.
Dat moment maakte iets in mij wakker.
Het versterkte mijn besluit om niet alleen te blijven zoeken naar antwoorden voor mezelf, maar ook daadwerkelijk met andere mensen te gaan werken. Omdat ik steeds sterker voelde dat er onder gedrag, depressie, leegte of wanhoop vaak een diepere laag ligt.
Een laag die niet altijd gezien, gevoeld of begrepen wordt.
In mijn zoektocht ben ik langs verschillende vormen van begrijpen gegaan: psychologie, systeemtheorie, regressietherapie, energetisch-holistische therapie, familieopstellingen, mindfulness, werken met hooggevoeligheid en persoonlijke ontwikkeling.
Al die richtingen hebben mij iets geleerd. Ze gaven taal, inzicht en handvatten.
Maar toch bleef er iets knagen.
Want inzicht alleen maakt een mens niet altijd vrij. Iemand kan veel begrijpen en toch gevangen blijven in een oude laag van angst, schaamte, pijn of bescherming.
Alsof er een verschil is tussen iets begrijpen met je hoofd, en werkelijk vrij worden in je leven.
Toen ik later cijfers las over hoeveel mensen in Nederland worstelen met somberheid, angst of depressieve gevoelens, raakte mij dat opnieuw. Niet omdat het nieuw voor mij was, maar omdat het bevestigde wat ik al zo lang voelde en zag.
Er is iets in onze manier van leven waardoor veel mensen leren functioneren, aanpassen en doorgaan, terwijl ze steeds verder verwijderd raken van wat ze werkelijk voelen.
En als je dan ziet dat ook zoveel jongeren daarmee worstelen, scholieren, studenten, jonge mensen die nog aan het begin van hun leven staan, dan voel je dat dit over meer gaat dan individuele problemen.
Het zegt iets over de kwaliteit van leven.
Over ons allemaal.
Voor mij is dit boek daarom niet alleen een boek over gedrag.
Het is een boek over terugvinden.
Niet: wat is er mis met de mens?
Maar: wat probeert een mens te beschermen?
Niet: waarom doet iemand zo moeilijk?
Maar: waar is iemand zichzelf onderweg kwijtgeraakt?
Voor mij is Het Transformatieboek het resultaat van een lange zoektocht naar de ontbrekende schakel tussen leven vanuit aangeleerd angstgedrag en leven vanuit meer liefde, vrijheid en bewustzijn.
Daarom gaat dit boek niet alleen over veranderen.
Het gaat over terugvinden.
Over leren zien waar gedrag vandaan komt.
En over hoe het ook anders kan.
Veel gedrag ontstaat zonder dat iemand werkelijk begrijpt waar het vandaan komt. Mensen reageren vanuit oude pijn, angst, schaamte, tekort of bescherming. Soms zien ze hun gedrag wel, maar niet de oorsprong ervan. En soms zien ze zelfs hun gedrag niet.
Juist dan kan dat gedrag ver gaan. In relaties, in gezinnen, op het werk en in de samenleving.
Een van de redenen dat ik dit boek heb geschreven, is dat ik de noodzaak voel om iets bij te dragen aan een betere wereld. Niet door mensen te veroordelen, maar door gedrag begrijpelijker te maken.
Want begrijpen is niet hetzelfde als goedkeuren.
Begrijpen kan wel een begin zijn van verandering.
Als we beter leren zien waarom we doen wat we doen, ontstaat er ook meer ruimte om anders te handelen.
Om dat toe te lichten, wil ik jullie meenemen in een voorbeeldcasus.
Het is het verhaal van Thomas.
Thomas is geen bestaande cliënt, maar een samengestelde casus waarin veel mensen iets van zichzelf kunnen herkennen.
Casus Thomas
Thomas was een kind dat veel aanvoelde.
Thuis merkte hij al vroeg wanneer de sfeer veranderde.
Een zucht van zijn moeder.
De stilte van zijn vader.
Een deur die net iets harder dichtviel.
Een toon waarop zijn naam werd uitgesproken.
Voor een ander waren dat misschien kleine dingen.
Voor Thomas waren het signalen.
Hij wist: nu moet ik opletten.
Als zijn moeder moe of gespannen was, werd Thomas makkelijker. Hij stelde minder vragen. Hij hielp wat sneller. Hij maakte zichzelf kleiner.
Als zijn vader stil of geïrriteerd werd, lette Thomas nog beter op. Op zijn woorden. Op zijn bewegingen. Zelfs op het geluid dat hij maakte.
Niet omdat iemand tegen hem zei dat hij zich moest aanpassen.
Maar omdat zijn lichaam leerde:
rustig zijn is veiliger dan druk zijn.
helpen is veiliger dan iets nodig hebben.
lachen is veiliger dan huilen.
Zo werd Thomas niet alleen gevoelig voor wat er gebeurde.
Hij werd gevoelig voor wat er misschien kon gebeuren.
En dat is vermoeiend voor een kind.
Want een kind hoort niet steeds te hoeven voelen of het nog welkom is.
Op school ging dat verder.
Een keer vertelde Thomas enthousiast iets in de klas. Twee kinderen keken naar elkaar en begonnen te lachen.
Misschien was het klein. Misschien bedoelden ze het niet eens heel groot.
Maar voor Thomas voelde het alsof er iets in hem dichtging.
Hij voelde schaamte.
Zijn gezicht werd warm.
Zijn buik trok samen.
En hij dacht:
dit doe ik niet nog een keer.
Vanaf dat moment vertelde hij minder. Niet omdat hij niets te zeggen had, maar omdat hij had geleerd:
als ik mezelf laat zien, kunnen anderen mij uitlachen.
Ook in de buurt gebeurde er iets.
Er waren twee jongens die hem regelmatig pestten. Ze maakten opmerkingen. Ze lachten hem uit. Soms duwden ze hem. Soms wachtten ze hem op.
Voor anderen leek het misschien gewoon plagen. Iets wat jongens doen.
Maar voor Thomas voelde het anders.
Hij was bang.
En hij schaamde zich dat hij bang was.
Hij durfde het thuis niet goed te vertellen. Want wat als ze zouden zeggen dat hij harder moest zijn? Wat als ze hem een w***e vonden? Wat als zijn vader zou zeggen: je moet gewoon van je afbijten?
Dus hield Thomas het voor zich.
Daarmee leerde hij niet alleen dat mensen je pijn kunnen doen, maar ook dat je je pijn beter kunt verbergen.
Hij leerde dat kwetsbaarheid gevaarlijk kon zijn.
Dat je sterker moest lijken dan je je voelde.
Zo ontstond er langzaam een manier van leven.
Thuis werd hij makkelijk.
Op school werd hij voorzichtig.
In de buurt leerde hij zijn angst verbergen.
Jaren later is Thomas volwassen.
Aan de buitenkant lijkt het goed met hem te gaan. Hij heeft een baan, vrienden en een leven dat redelijk op orde is. Hij is betrouwbaar, rustig en behulpzaam. Iemand die niet snel moeilijk doet.
Maar vanbinnen reist dat oude leven nog met hem mee.
Hij voelt spanning snel aan.
Hij zegt vaak ja terwijl hij nee voelt.
Hij houdt zich groot wanneer hij zich onzeker voelt.
Hij maakt zichzelf nuttig als hij bang is om buiten de groep te vallen.
Hij vermijdt gesprekken waarin spanning kan ontstaan.
En als hij bang is, laat hij dat liever niet zien.
Niet omdat hij zwak is.
Niet omdat hij oneerlijk is.
Maar omdat hij ooit geleerd heeft dat sommige gevoelens beter verborgen kunnen blijven.
Maar zo leven kost iets.
Thomas staat vaak aan, zonder dat hij dat zelf goed doorheeft. Hij let op gezichten, toon en sfeer. Hij voelt snel of er iets verandert in contact.
Als iemand kort reageert of stil wordt, ontstaat er onrust in zijn lijf.
Niet altijd bewust.
Maar zijn lichaam reageert wel.
Alsof er ergens vanbinnen steeds een vraag meeloopt:
is het nog veilig?
heb ik iets fout gedaan?
moet ik iets oplossen?
moet ik mij aanpassen?
Dat kost energie.
Thomas is niet alleen moe van zijn werk of van drukke dagen. Hij is ook moe van vooruitdenken. Van rekening houden met anderen. Van zichzelf inhouden. Van sterk lijken terwijl hij zich vanbinnen onzeker voelt.
Soms raakt iets kleins hem harder dan hij begrijpt. Een blik. Een stilte. Een grapje. Een kritische opmerking.
Voor een ander lijkt dat misschien niets bijzonders, maar in Thomas gaat er iets open.
Niet omdat het moment zelf zo groot is.
Maar omdat zijn lichaam iets herkent van vroeger.
De schaamte van toen.
De angst van toen.
Het gevoel dat hij niet veilig was om zichzelf te zijn.
Zijn hoofd weet dat hij volwassen is. Maar zijn lichaam reageert alsof hij weer dat kind is dat moest opletten, zich moest inhouden of zijn angst moest verbergen.
Zo blijft hij overeind.
Maar hij leeft niet vrij.
Ergens voelt Thomas dat ook. Er is een leeg, knagend gevoel. Alsof hij iets mist, maar niet precies weet wat.
Zijn leven ziet er aan de buitenkant best goed uit. Toch voelt hij vanbinnen dat hij vaak bezig is met aanpassen, opletten en voldoen aan wat anderen nodig hebben.
Wat hij zelf voelt, wil of nodig heeft, is veel moeilijker geworden om te voelen.
Op een avond merkt Thomas dat hij opnieuw ja wil zeggen, terwijl hij eigenlijk nee voelt.
Dan stopt hij even en vraagt zich af:
waarom voel ik me schuldig voordat ik überhaupt nee heb gezegd?
In de vele gesprekken en groepen die ik in de afgelopen jaren heb mogen begeleiden, stelde ik mensen regelmatig een eenvoudige vraag:
wie ben je?
Wat mij dan vaak opviel, was dat mensen meestal iets vertelden over hun persoonlijkheid.
Ik ben gevoelig.
Ik ben sterk.
Ik ben onzeker.
Ik ben iemand die altijd doorgaat.
Ik ben iemand die voor anderen zorgt.
Ik ben iemand die moeilijk nee zegt.
Ik ben iemand die controle nodig heeft.
En natuurlijk klopt daar op een bepaalde laag iets van. Zo kennen we onszelf. Zo hebben anderen ons leren kennen. Zo zijn we onszelf gaan benoemen.
Maar steeds vaker ben ik gaan zien dat persoonlijkheid niet alleen iets is wat je bent. Het is ook iets wat je onderweg hebt opgebouwd.
Een verzameling verhalen, overtuigingen, reacties en manieren van overleven die ooit een functie hebben gehad.
Zoals we in het verhaal van Thomas kunnen zien, ontstaat zo’n persoonlijkheid niet zomaar. Thomas werd niet geboren als iemand die zich moest aanpassen, zichzelf moest inhouden of zijn angst moest verbergen.
Hij leerde dat.
Niet omdat hij zwak was, maar omdat zijn systeem veiligheid zocht.
En dat geldt voor veel mensen.
Wat wij later persoonlijkheid noemen, is vaak voor een deel bescherming geworden. Een manier om niet opnieuw afgewezen te worden. Niet opnieuw pijn te voelen. Niet opnieuw buiten de groep te vallen. Niet opnieuw machteloos te zijn.
Daarom is de vraag “wie ben je?” misschien veel groter dan we denken.
Want wie ben je zonder het verhaal dat je over jezelf bent gaan geloven?
Wie ben je zonder de rol die je zo goed hebt leren spelen?
Wie ben je zonder de bescherming die ooit nodig was om veilig te blijven?
Dat klinkt mooi, maar in de praktijk is dat vaak spannend.
Want die bescherming heeft ons niet alleen beperkt. Ze heeft ons ook geholpen. Ze heeft ons door moeilijke situaties heen gedragen. Ze gaf houvast, richting en herkenning.
Ze werd vertrouwd.
Daarom is verandering vaak zo lastig.
Een deel van ons wil vasthouden aan het oude. Niet omdat we niet willen groeien, maar omdat het oude bekend is. Het voelt veilig. Het heeft ons beschermd. Het is onderdeel geworden van wie we denken te zijn.
Maar er is vaak ook een ander deel.
Een deel dat vrij wil zijn.
Een deel dat niet langer alleen wil aanpassen.
Een deel dat niet alleen wil overleven, maar echt wil leven.
Een deel dat verlangt naar verbinding, echtheid en ruimte.
En precies tussen die twee bewegingen leeft veel menselijke worsteling.
Aan de ene kant het oude verhaal dat zegt:
blijf maar waar je bent, hier weet je tenminste wie je bent.
Aan de andere kant iets in ons dat fluistert:
er is meer dan dit.
Voor mij gaat Het Transformatieboek over die beweging.
Niet over jezelf afbreken.
Niet over je persoonlijkheid veroordelen.
Niet over alles wat je hebt opgebouwd ineens loslaten.
Maar over voorzichtig leren zien wat bescherming is geworden.
Over ontdekken waar je jezelf bent gaan verwarren met je verhaal.
En over langzaam terugkeren naar iets wat stiller, echter en vrijer is dan de rol die je hebt leren spelen.
Naar wie je bent onder alles wat je hebt moeten worden.
En daarmee komen we bij de kern van Het Transformatieboek.
Het gaat niet alleen over Thomas.
Het gaat over de vraag die onder veel menselijk gedrag ligt:
wat probeert dit gedrag te beschermen?
Waarom zeg je ja terwijl je nee voelt?
Waarom lach je terwijl iets je raakt?
Waarom trek je je terug terwijl je eigenlijk verbinding verlangt?
Waarom word je boos terwijl je eigenlijk bang bent?
Waarom blijf je sterk terwijl je vanbinnen moe bent?
Veel gedrag is ooit begonnen als bescherming.
Niet omdat er iets mis is met iemand, maar omdat iets in ons probeert te overleven, erbij te horen of niet opnieuw gekwetst te worden.
Maar wat ooit bescherming was, kan later een gevangenis worden.
Dan leef je nog wel.
Je functioneert.
Je past je aan.
Je houdt vol.
Maar ergens vanbinnen voel je:
ik mis iets.
Misschien mis je geen succes.
Misschien mis je geen kennis.
Misschien mis je geen oplossing.
Misschien mis je jezelf.
En dat is voor mij een van de belangrijkste bewegingen van dit boek.
Van gedrag naar oorsprong.
Van bescherming naar bewustwording.
Van overleven naar werkelijk voelen.
Van aanpassen naar langzaam terugkeren bij jezelf.
Niet door jezelf te veroordelen.
Niet door alles ineens anders te moeten doen.
Maar door eerlijk te leren kijken naar wat er in jou gebeurt.
Want pas wanneer je ziet waarom je doet wat je doet, ontstaat er ruimte.
Ruimte om niet meteen hetzelfde oude pad te volgen.
Ruimte om niet automatisch ja te zeggen.
Ruimte om te voelen wat je werkelijk voelt.
Ruimte om te ontdekken wie je bent onder alles wat je hebt moeten worden.
(Afsluiting)
Misschien herkennen jullie jezelf niet letterlijk in Thomas.
Misschien was jullie jeugd anders.
Misschien zagen jullie beschermingen er anders uit.
Maar bijna iedereen kent wel iets van dat mechanisme.
Doorgaan terwijl je moe bent.
Lachen terwijl je geraakt bent.
Ja zeggen terwijl je nee voelt.
Zeggen dat het goed gaat terwijl iets in jou iets anders vertelt.
En daarom is de vraag van dit boek niet alleen:
waarom doen we wat we doen?
Maar ook:
wat gebeurt er als we eindelijk durven luisteren naar wat daaronder ligt?
Misschien begint transformatie niet met iemand anders worden.
Misschien begint het met stoppen met weglopen bij wie je werkelijk bent.
Claim nu jou boek ..
Kijk op www.hettransformatieboek.nl
En zie wat het boek voor jou kan betekenen.
❤️