Anthonisgilde

Anthonisgilde De zakkendragers speelden een belangrijke rol in de Schiedamse jeneverindustrie. Zij droegen het graan van de schepen naar de mouterij of molen.

HERBERGT ONZE SMAKBAK EEN HISTORISCHE TINNEN KOM ?In een artikel over een gildekom uit 1746 van het zakkendragersgilde v...
01/06/2026

HERBERGT ONZE SMAKBAK EEN HISTORISCHE TINNEN KOM ?

In een artikel over een gildekom uit 1746 van het zakkendragersgilde van Bergen op Zoom las ik ook iets over ons gilde en wel het volgende:

Ter illustratie van “onze kom” was deze foto bij het artikel geplaatst. Niet zo moeilijk om hier onze smakbak te herkennen. Zou onze met leer bedekte halve bol onder de smaktrechter een tinnen kom uit de 18e eeuw zijn ?

30/05/2026

Druk weekeinde in ons huis. Vrijdag 15 English distillers en 5 begeleiders. Zaterdag 31 vrijwilligers via Klik en 6 Turkse, 2 Chinese en 1 Russische aanwaaier.

Bijdrage van broeder Peter.
27/05/2026

Bijdrage van broeder Peter.

25/05/2026

Het Cordewagencruyers of Arbeidersgilde van Bergen op Zoom bestond reeds in 1431. De oudste keur van dit gilde dateert uit 1571. Vanwege het groot aantal leden zijn de bierkruiers later een afzonderlijk gilde begonnen. Het arbeidersgilde was een groot gilde met veel leden. Ieder jaar voor Driekoningen (6 januari) dienden de leden een lijst met namen in te leveren bij het stadsbestuur, waaruit de deken en drie of vier gezworenen gekozen konden worden. In 1754 waren er volgens opgave van het gildebestuur 86 gildebroeders. De gildebroeders zorgden voor het lossen van schepen en het bezorgen van de lading bij de klant. Voor ieder product dat bezorgd moest worden gold een vastgesteld tarief. Het stadsbestuur stelde deze tarieflijst vast. Iedere inwoner kon zodoende zelf zien wat de transportkosten van de bestelde producten waren. ( vergelijk met de tegenwoordige zzp’ers die voor tal van bedrijven pakjes bij klanten bezorgen. ) Ook in de periode voor 1810 waren deze transportarbeiders kleine zelfstandigen, maar dan in het bezit van een kruiwagen, later ook in bezit van een paard met wagen. Zij moesten lid zijn van het gilde waarvoor zij volgens de keur maar liefst twaalf carolisguldens en één stuiver als inkomgeld moesten betalen. Een derde van dat bedrag ging naar de drossaard, een derde naar de schepenen en een derde naar het gilde. 8 De stuiver was bedoeld voor de gildeknecht of gildeknaap. Men moest dobbelen, ook wel smakken genoemd, om het werk te krijgen. Men hanteerde daarbij een vast systeem. Het dobbelen of smakken deed men op de blauwe steen voor het gildehuis bij het Spui. Een samengesteld complex met een spuihuis met sluisje, een toren, een brandwachthuisje en het gebouwtje van het Cordewagencruyersgilde. De leden van het gilde konden hier wachten op de loting voor het lossen van de schepen. De klok van de Spuitoren werd door de knaap van het gilde geluid ten teken dat het dobbelen begon. De arbeiders die mee wilden dingen, moesten “Hooijk hooijk” roepen. (De betekenis hiervan is niet helemaal duidelijk. Mogelijk is het een verbastering van “ho, ik” waarmee men aangaf voor de ronde in aanmerking te komen. De term hooijk komt in de reglementen en besluiten regelmatig voor. Er wordt vastgesteld dat wanneer er slechts één gildebroer bij het smakken aanwezig was, hij een of twee burgers als getuige bij het werpen van de dobbelsteen moest vragen. De keur van het gilde van 1571 telt 49 artikelen, die betrekking hebben op het lidmaatschap, de boetes op overtredingen van de keur en de onderlinge zorg voor de leden bij ziekte of overlijden. De keur heeft nadien verschillende aanvullingen gekregen. Er is een ordonnantieboek van het arbeidersgilde bewaard gebleven. Hierin zijn de morgenspraken (besluiten van het gildebestuur) opgenomen. Daarin is op de eerste bladzijde het volgende gedichtje opgenomen:
“Maer hoe sal ik het maken Den Eennen sal het prijsen En den anderen die sal het laken Hoe sal ik het maken, segt het mijn Dat het idereen van passe zijn.”
Het ordonnantieboek bevat veel interessante besluiten die inzicht geven in de manier van werken van het gilde. Zo mocht er niemand dobbelen met teerlingen of kaart spelen binnen een afstand van één roede van de blauwe steen. Verder staan er veel bepalingen in over hoe men met de eigendommen van het gilde en met het beheer van het gildehuisje om moest gaan, bijvoorbeeld dat men niet mocht schelden in het huisje, maar ook dat men niet zijn behoefte mocht doen of mocht wildplassen bij de blauwe steen. Dat men geen tabak mocht “zuigen” tijdens het werk. Maar ook dat men de kachel niet mocht stoken vóór Sint Andriesdag (30 november). Er speelden soms ook discussies op over de verdeling of uitvoering van het werk. Het gildebestuur moest dan de knoop doorhakken. In 1762- 1764 speelde er een dergelijke kwestie, toen Adriaen de Bel, gezworen wijnwerker en tevens suppoost van het arbeidersgilde, voor de andere bestuursleden van het gilden werd gedagvaard. Hierbij was een rol weggelegd voor Philip Adamse Pikaar, die als gezworene op de gildekom van 1746 staat vermeld. Het ging hier om de kwestie van de dubbelrol wijnwerker en lid van het arbeidersgilde. Een dergelijke dubbelrol was wel toegestaan, maar als er sterkedrank of wijn uit een schip geladen moest worden, dan was het betreffende gildelid “onvrij” en daardoor niet gerechtigd mee te doen aan het dobbelspel om het werk te krijgen. Het lossen van bier en wijn was voorbehouden aan de bierkruiers, respectievelijk de wijnwerkers. Als je tevens wijnwerker was, mocht je daarom niet als lid van het arbeidersgilde het werk proberen binnen te halen.

Het "huis" van onze buurman Rotterdam.
23/05/2026

Het "huis" van onze buurman Rotterdam.

Schild van het Amersfoortse zakkendragersgilde.
20/05/2026

Schild van het Amersfoortse zakkendragersgilde.

17/05/2026

Quote Jack Kerklaan + : Ik wou dat we het vak toekomst hadden, in plaats van geschiedenis’. De tekst prijkt op een groene deur naast een nieuw pand van de Schiedamse chocolatier De Bonte Koe, aan de Oude Sluis tegenover het Zakkendragershuisje. (WP: mijn voorkeur: niet in plaats van , maar samen met geschiedenis".

Ook Goes kende zakkendragers. In plaats van in een smakbak lieten zij "de benen rollen" op een blauwe steen. In "Schieda...
15/05/2026

Ook Goes kende zakkendragers. In plaats van in een smakbak lieten zij "de benen rollen" op een blauwe steen. In "Schiedam torent uit boven het molenverleden" van Nathalie Lans las ik dat in onze stad bij voorkeur natuurlijke basaltstenen uit 1 stuk gebruikt werden als molenmaalstenen en dat deze "blauwe stenen" werden genoemd.

Adres

Van April Tm Oktober Elke Eerste En Derde Zondag Van De Maand Geopend Van 12 Tot 17 Uur. Oude Sluis 19. Toegang Gratis
Schiedam
3111PK

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Anthonisgilde nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Organisatie

Stuur een bericht naar Anthonisgilde:

Delen