14/08/2026
"Verhalen uit de Steegjes"...
In een gesprek in 1992 van de VPRO met Jan de Kleijn (lees hieronder) herinnert hij zich nog een mooi voorbeeld.
*Jan de Kleijn:
"In de Suikerstraat was een krot van een huis, en de deur zat er eigenlijk niet meer in, en de vloer zat er niet meer in..."
Daar hadden "de Mik" gewoond, was een heel groot gezin.
Het huisje was nog kleiner dan dat bij ons (Korte Rozendaal) thuis.
En het stonk er als het weet niet wat, zandgrond... de waterleiding was er uitgegraven, alleen de vloer zat er...
Er zat ineens vier jongens in... vier jongens van een jaar of negentien, twintig...
*VPRO interviewer:
"Wanneer was dat?"
*Jan de Kleijn:
"Ook voor de oorlog, in de jaren, eh 35...
Dat waren de eerste krakers, als ik het eerlijk mag zeggen.
We wisten niet waar ze vandaan kwamen.
Men zei "Ze kwamen uit een Gesticht, waren ze ontslagen, dus... hadden straf erop zitten"
Maar dat geloof ik niet, het waren keurige jongens, maar in tijd van een mum... werd ze alles gebracht.
Brood met koffie, uh 's morgens een bord pap... warm eten 's avonds...
Ik heb zelf nog een pan andijvie daar moeten brengen, dat mijn moeder dat kookte...
*VPRO interviewer:
"En dat deden die buurtbewoners ondanks hun armoe?"
*Jan de Kleijn:
"Ondanks hun armoe, dat deden ze allemaal, en nou het mooiste...
Plotseling hoorde we dat ze weg zouwe gaan, met de Kerstdagen, met nieuwjaar.
En toen gingen die jongens naar de Oudegracht... en die haalde der ouwe theekisten op, die lagen daar.
Die sloopten ze, ze gingen bij Manus Linschoten allemaal lapjes stof uit de vodden zoeken.
En gingen hanglampen zitten figuurzagen... van die schuine stukken hout... van dertig en dat liep toe tot tien.
Vier stuks schuin tegen mekaar met een plankje erboven, een gaatje waar de lamp doorheen kon, dat wil zeggen, 't snoer van de lamp.
En daar zaten ze der eigen het weet niet wat te zagen.
Rooie Jans, de enige h**r in de buurt had hun geld gegeven om zaagjes, beits en lijm bij Hogenboom, de drogist in de Twijnstraat, te kopen.
Zij was die h**r, die... een keer nog der veertig-jarig jubileum had gevierd...
*VPRO interviewer:
"In de Zeven Steegjes?"
*Jan de Kleijn:
"Nee, nee net er even buiten... (zij woonde op het Geertekerkhof)
In de Zeven Steegjes heeft er zich één keer één gevestigd "Natte Lies".
Maar die vrouwen stonden elke avond van 's avonds zeven tot 's avonds twaalf vlak voor het huis...
Maar daar durfde geen vent naar binnen... die was zo weer weg... nee, de buurt moest netjes blijven hè...
En gillen die vrouwen dan jongen, as ter zo'n vent met z'n fiets daar in de rondte draaide...
"Hé motje", weet je wel, en dan... die durfde gewoon niet... nee maar Jans was wat anders, Jans was geaccepteerd... die woonde der jubileum veertig jaar.
En die had geld gegeven, en toen maakten die jongens dertig van die hanglampen.
Die zaten ze allemaal uit te zagen met figuurtjes en bloemetjes en wat zwarte beits, en... toen op Kerstavond
Nou houwe die 'Zeven Steegjes mensen' altijd die luiken dicht...
Die avond waren de luiken allemaal open en als je erdoor liep zag je overal zo'n hanglamp hangen...
Die hadden die jongens met al die adressen gebracht, en ze wisten precies waar ze moesten zijn.
Dat vond ik mooi... vrede, nou dat vond ik machtig.
Dat was nou dat soort solidariteit.
Nee, solidair waren ze as het ik weet nie wat, absoluut".
Fotobijschrift: De suikerstraat in de jaren '30 en '50.