Ooit was de Zuiderzee bevolkt met vissersschepen. Van de oostwal tot de westwal zwierven aken, pluten jollen en botters met hun schippers op zoek naar een goede vangst. De Zuiderzee was een rijke zee. De grote variëteit aan vissoorten zorgde bij duizenden vissersgezinnen dagelijks voor brood op de plank. Zo rond 1900, de hoogtijdagen van de Zuiderzeevisserij, stonden er bijna 1400 schepen geregist
reerd. Marken, Volendam en Enkhuizen aan de westwal stonden bekend om hun grote vloten maar ook Huizen, Spakenburg en Harderwijk bezaten een vloot van samen bijna tweehonderd visschuiten. Ook Zwartsluis, aan de oostkant van de grote binnenzee, bezat haar eigen bescheiden vissersvloot. Tussen de twee wereldoorlogen had Zwartsluis in elk geval vijf botters in de vaart. De ZS 13 is als enige overgebleven van de vloot van Zwartsluis. Het schip is de oudste nog varende botter van Nederland. Een combinatie van toeval en doorzettingsvermogen van een handje vol mensen dat de waarde inzag van een versleten vissersship, zorgde voor het behoud van dit historisch erfgoed! Ervaar het vissermansgevoel door aan te monsteren op de ZS 13